OK
×
Actievoerder
Jacques de Swart

Jacques de Swart

Update na etappe 19 van Saint-Jean De-Maurienne naar Tignes

Vandaag rijden we een etappe die qua afstand alleszins meevalt: 126,5 km. Er zitten wel vier klimmen in waarvan de Col d'Iseran van de buitencategorie is en naar het dak van de Tour leidt: 2770 meter. Edwin had gisteren van de koninginnerit een prinsesserit gemaakt door de etappe met zo'n 100 km in te korten en rijdt vandaag sterk. Klaas heeft gisteren de laatste twee uur in het rood gereden en besluit een dagje in de bus naast Monique te gaan zitten. Als je ooit een aanbod krijgt om als gastrijder een week mee te gaan om de Tour voor te fietsen, is mijn advies om de eerste week te kiezen. Als je zoals Klaas later aansluit, beland je tussen een eigenaardig soort mensen met een centimeter eelt onder hun kont die elke etappe korter dan 180 km waarin minder dan 16 gestapelde Domtorens beklommen moeten worden als een halve rustdag beschouwen. Voordeel voor Klaas is dat hij vier jaar geleden al overtuigend heeft bewezen een hele Tour te kunnen fietsen.

Door de lange dag van gisteren stappen we pas om 9 uur op de fiets. Het is warm tijdens de eerste 33 km rond een hoogte van 600 meter. Zelfs Jan, normaal gesproken niet onze beste drinker zolang het om water en isotone dorstlesser gaat, heeft dan zijn twee bidons al leeg. We stijgen door naar 1700 meter hoogte naar een prachtig, bijna onbewoond dal op weg naar de Col d'Iseran. We doorbreken de boomgrens als we beginnen aan de klim en fietsen tussen sneeuw met uitzicht op gletsjers. De Col d'Izoar doet zijn naam eer aan want die is zwaar. En de Col d'Iseran? Is die is er an voordat je er erg in hebt? Nee. Ik vind hem wel gemakkelijk dan de Col d'Izoar, mede doordat hij als hoogste bergpas van Europa inspirerender is, maar hij is niet zomaar voorbij door de zogenaamde flaw of averages.

Het is namelijk weer tijd voor een aflevering van wiskunde de fiets. De flaw of averages gaat over de misleidende werking van gemiddelden. Als je niet kunt zwemmen, is het wel degelijk mogelijk om te verdrinken in een meer dat gemiddeld 25 cm diep is, want dat meer kan voor 5% bestaan uit een gedeelte van 3 meter diep waar je net in valt, en dat het meer voor de rest maar 10,5 cm diep is, helpt je dan niet. Bij een berg op fietsen kan er ook sprake zijn van deze flaw of averages. Bij elke beroemde klim staan paaltjes langs de weg die het gemiddelde stijgingspercentage voor de komende kilometer aangeven. Onze Tour de France gids hoogteprofielen met daarin ook gemiddelde stijgingspercentages per kilometer. Waar de paaltjes langs de weg van boven naar beneden rekenen, rekent de gids van beneden naar boven. De paaltjes langs de weg tellen dus de kilometers tot de top, de hoogteprofielen in onze gids tellen de kilometers vanaf het begin van de klim. Als een heel steil stuk in de klim volgens de paaltjes ten opzichte van de gids in de volgende, toch al best steile kilometer valt, kan het gemiddelde stijgingspercentage volgens de paaltjes dus hoger zijn dan dat volgens de gids. Toegewijde atleten die wij zijn, bestuderen wij van tevoren de hoogteprofielen nauwkeurig. Onze gids telt voor de Col d'Iseran drie "zwarte" kilometers, waarbij zwart staat voor minstens 9% stijging. Net als ik denk, die "Col is er an", kom ik volgens de paaltjes langs de weg in een vierde zwarte kilometer terecht. Dat is een dusdanige tegenvaller dat ik mijn streven om mijn twee grootste kransjes achter, de 27 en de 30, op deze Col schoon te houden, terstond laat varen en ik serieus aan de bak moet. Die vermaledijde flaw of averages!

De afdaling van de Col d'Iseran loopt goed en geeft een prachtig zicht op Val d'Isere. Mijn vijfde remblok doet uitstekend zijn werk en ook mijn hangen in een hoek lijkt al een klein beetje op dat van Fabian Cancellara. Toch moet ik elke keer dat mijn snelheid de 75 km/u nadert, denken aan Erik Breukink, die ooit zei dat hij teveel vader was om echt snel te dalen. Julian Alaphilippe heeft daar vandaag duidelijk geen last van.

De laatste klim brengt ons naar Tignes. We fietsen eerste langs het stuwmeer, waar op de bodem een dorp ligt dat de Franse regering inclusief de laatste nimby tegenstanders heeft laten onderlopen (nimby staat hier voor not in my backyard: we zijn voor waterkrachtcentrales, maar niet in onze achtertuin). 10 minuten nadat we gefinished zijn, barst regen, hagel en onweer los.

Voor morgenmiddag wordt wederom regen voorspeld tijdens de 33,4 km lange klim naar Val Thorens. Volgens onze gids zit daar maar één zwarte kilometer in. Ik hoop dat de flaw of averages mij niet weer te grazen zal nemen en dat het weer zal lukken om op tijd binnen te zijn.

À demain!

Jacques de Swart

Update na etappe 18 van Embrun naar Valloire

De koninginneetappe doet zijn naam eer aan. Hoewel we het ontbijt nog weten te vervroegen lukt het ons niet om voor 19:10 te finishen. Netto besteden we vandaag 9 uur en 23 minuten op de fiets. Bruto komt daar nog wat tijd bij omdat drie gendarmes ons niet door wil laten op de route in Guillestre. Gerben rijdt een stukje terug om de bus te waarschuwen. Net vandaag doet zijn navigatie het niet en raakt hij van de route af. De gendarmes zien inmiddels op hun horloge dat ze recht hebben op een koffie pauze, dus de rest kan gewoon door fietsen op de route. Leve de Franse politie-cao! We proberen elkaar hiervan op de hoogte te brengen en te vinden via de talloze apps die we hiervoor hebben maar de verbindingen zijn slecht. Al met al kosten deze drie gendarmes ons drie kwartier vertraging.

Wederom is het vandaag heet, maar dat probeer ik positief te zien. Stel dat ik pas volgend jaar de Tour zou fietsen, dan was het waarschijnlijk nog heter geworden, gegeven dat nu het ene hitterecord na het andere gebroken wordt. Gelukkig zitten we vandaag ook veel boven de 2000 meter hoogte, waar het koeler is en waar het ook wat begint te betrekken. Het voorspelde onweer blijft beperkt tot een paar spatten regen in de afdaling van de Col d'Izoard. 

De beste lunch van deze Tour genieten we vandaag, al pootje badend in de Torrent d'Izoard, een ijskoude stromende bergbeek. We voelen ons God in Frankrijk, met als enig smetje het besef dat we na de lunch nog twee cols van de buitencategorie moeten beklimmen. 

We zijn allemaal compleet gaar, maar de kans dat we na deze etappe ook Parijs gaan halen begint te groeien...

 

Jacques de Swart

Update na etappe 17 van Pont du Gare naar Gap

Vandaag rijden we voordat het echt warm begint te worden langs het amfitheater van Orange. Dan begint een hele lange klim over maar liefst 80 km die ons langs de overblijfselen van het Romeinse rijk in Vaison-la-Romaine naar 800 m hoogte brengt. Net zoals de tegenwind gisteren heerlijk was vanwege de verkoeling, leveren de hoogtemeters vandaag het voordeel op om in koelere oorden te belanden. We slingeren langs de idyllische Ouvèze. Onder de zoete geuren van lavendel beland ik op een memory lane als ik terugdenk aan mijn oude boezemvriend en buurjongen Joris. Veertig jaar geleden ging ik met Joris en zijn ouders mee op vakantie naar de Provence. Dagenlang bouwden we dammetjes in de Ouvèze, waarin we net zo bedreven werden als in enorme hoeveelheden enorme horzels doodslaan. We hadden een bijzondere band. Onze leeftijdgenoten luisterden naar de top40, terwijl wij de lp's Vroeger of Later en Levenslang van Robert Long uit ons hoofd leerden, zonder overigens de diepte van de teksten toen al te doorgronden. Die teksten staan sindsdien wel in mijn geheugen gebeiteld. Joris was een goede fietser en had dit fietsavontuur zeker gewaardeerd. Helaas is Joris niet meer omdat een noodlottig fietsongeluk hem fataal werd. 

Het wordt ook op 800 meter heter en heter. Tijdens de lunch op 115 km geeft de thermometer in de bus 42 graden aan. We spreken we af om na 50 km weer te stoppen om de bidons bij te vullen. Monique moet echter tanken en wij rijden die 50 km sneller dan verwacht omdat 40 km ervan omlaag gaan. Na 165 km heeft Monique ons dus nog niet ingehaald en zijn onze bidons leeg. We besluiten om heel rustig door te fietsen totdat Monique ons achterop komt rijden, maar zelfs dat lukt uiteindelijk ook niet meer. Mijn benen voelen goed, mijn fiets heeft er ook zin in, maar de droge, warme wind maakt slikken vrijwel onmogelijk. Zelfs als Max Verstappen in de auto van Lewis Hamilton mag rijden met een lege tank, komt hij ook niet ver. We besluiten te stoppen in de schaduw van een boom totdat Monique ons bij komt tanken. Klaas en ik vinden een beekje in de buurt, waar het heerlijk toeven en koelen is. Ik bouw een dammetje en beland weer op de memory lane, wat heel bijzonder voelt. Zodra Monique arriveert, helpen de koude orangina's en cola's ons snel weer op de fiets en we rijden de 200 km verder zonder problemen vol.

Vanuit Gap verplaatsen we ons naar een dorpje even voorbij Embrun, van waaruit morgen de koninginneetappe start. We gaan eerst over de Col de Vars, vervolgens over de Col d'Izoard en als toetje krijgen we de Col du Galibier voor de kiezen. Daarna dalen we af om na 208 km in het bekende ski-oord Valloire te finishen, "Waaraan ontleent de Col d'Izoard zijn naam? Aan dat ie zwaar is", vertrouwt Klaas mij toe.

Onze hotelkamer heeft een balkonnetje. De alpenreuzen grijnzen ons aan en lijken zin te hebben in het fietsfestijn van morgen, dat naar verwachting tussen 14 en 17 uur gelardeerd wordt met onweer. 

Morgenavond zullen we weten hoe de climax van deze Tour voorfietsen verlopen is. Vandaag kijk ik in elk geval terug op een bijzonder mooie, emotionele etappe. 

 

     

 

Jacques de Swart

Update na etappe 16 van Nîmes naar Nîmes

Het smeltpunt van mijn bidons blijkt 38 graden Celcius te zijn. Vanaf deze temperatuur gaat mijn isotone dorstlesser namelijk naar plastic smaken. Vandaag drink ik een hoop plastic. Gelukkig fietsen we wel in een mooie ambiance. De Tour de France fietsen lijkt een beetje op Frankrijk verkennen vanuit een hop-on hop-off bus. Elk plekje dat tot meerdere glorie van Frankrijk strekt wordt in de route opgenomen. De etappes duren weliswaar wat langer en helaas zijn we niet helemaal vrij in onze keus wanneer we weer instappen (want we moeten tenslotte voor de profs in Parijs zijn), maar verder is het een efficiënte manier om de mooiste plekjes aan te doen.  Het traject voert vandaag langs onder andere de Pont du Gare (zie Lakisama Foundation voor een foto hiervan), de Pont-Saint-Nicolas over de Gardon, die een rivier had moeten zijn maar verdampt blijkt te zijn, via een qua hoogtemeters taaie, maar prachtige gorge terug naar Nîmes. 

De grote smet op de dag is de val van Jan. Na 80 km koers komen we door Alés waar het wegdek slecht is. Eerst rijd ik door een kuil waardoor mijn snelheidsmeter uitvalt. Net als ik me daar over wil beklagen bij Jan, zie ik hem vlak voor me onderuit gaan als hij zijn stuur niet stevig genoeg vasthoudt op een mislukte verkeersdrempel. Gelukkig rijden we niet hard meer en komt zijn hoofd vlak voor de stoep tot stilstand. Hij heeft alleen wat schaafwonden en een bloeduitstorting die wat dik wordt. Jan doet er zelf erg luchtig over en wil meteen doorrijden. Even verderop zien we dat de flecheurs gezelschap hebben gekregen van mannetjes die gaten dichten met asfalt. Hadden we de Tour beter un jour après kunnen fietsen? De 30 km daarna lijkt het even dat onze beste man in koers (want dat is Jan sinds het vertrek van Wieger) dat niet meer is, maar gelukkig rijdt hij daarna gewoon weer van voren. Tijdens de lunch na 130 km spuit ik wat Dettol op Jans wondjes. Dat heb ik van mijn Surinaamse schoonfamilie. Als je badkamer vies is, als er in je gordijnen een vlek zit, als je een wondje hebt, als je boze geesten wilt verdrijven, dan hoef je niet te panikeren, want je moet gewoon even "Dettol zetten" (hoewel in de laatste situatie "blauwsel zetten" ook nog een optie is). Hier lijkt het inderdaad ook te helpen. 

Het warmteprotocol functioneert vandaag goed. Het is voor het eerst dat ik een hekel heb aan wind mee hebben, want dat maakt de hitte vandaag pas echt zinderend. Gelukkig rijden we een rondje en hebben we de wind aan het eind weer tegen. We rijden door Lézan, dat we vooral een prachtig plaatsje vinden omdat er een mooie fontein in het centrum staat waar we nog net niet in springen. Net als we beginnen te vrezen dat we na de lunch niet meer door dorpjes met fonteinen rijden, staat daar opeens Monique langs de kant van de weg met onze teiltjes. Deze keer bewijzen die hun veelzijdigheid door nu dienst te doen als koelkast: Monique heeft ze volgeplempt met ijsblokjes en daarin colablikjes gekoeld. 

Al met al hebben we geluk dat de etappe van vandaag met 177 km relatief kort is. Ook de hoogtemeters vallen mee zodat we toch nog stevig doorrijden met een gemiddelde van 30 km per uur. En dat komt behoorlijk goed overeen met het modelletje uit mijn blog na etappe 7...

À demain!

 

Jacques de Swart
dakje met Geef-logo
opgehaald van
0%

donaties

0

dagen te gaan

Deelnemen
×
Deelnemen aan deze geefactie